Hoe ga ik zelf om met het conflict tussen geloof en wetenschap?
Paar 1: Groep en individu
Door mijn werk maak ik deel uit van de wetenschappelijke wereld, en door mijn geloof in God behoor ik tot de christelijke kerk. Om uit te leggen hoe ik omga met geloof en wetenschap, begin ik bij een persoonlijke ervaring.
Tijdens een outplacementtraject vulde ik een vragenlijst in. Bij elke vraag waarin het woord groep voorkwam, voelde ik een negatieve reflex. Dat was het begin van een bewustwordingsproces.
Ik ervaar namelijk een wrijving tussen mijn persoonlijke identiteit (wie ben ik als individu) en mijn sociale identiteit (wie ben ik als lid van een groep). Om hier inzicht in te krijgen, vind ik de sociale identiteitstheorie behulpzaam [1].
Paar 2: Groep en realiteit
Volgens deze theorie hebben groepsleden een beeld van het meest representatieve lid. De sociale identiteit van de groep omvat gedeelde houdingen, gevoelens, normen, waarden, gedragingen en dus een gedeelde realiteit.
Deze gedeelde realiteit onderscheidt de groep van andere groepen. Mensen zijn onzeker over hun eigen houding, gedrag en normen; lid zijn van een groep vermindert die onzekerheid, omdat je de sociale identiteit van de groep overneemt. Dit geeft houvast en het gevoel ergens bij te horen. Door de onderlinge communicatie in de groep worden normen en realiteit steeds bevestigd, waardoor de geldigheid van de groepsidentiteit voortdurend wordt bekrachtigd.
Paar 3: Groep en identiteit
Het probleem is dat we in onze maatschappij lid zijn van meerdere groepen, elk met een eigen perceptie, normen, gedragingen en realiteit. Daardoor kan onze identiteit complex zijn, en kunnen de realiteiten sterk verschillen tussen de groepen.
Er zijn verschillende manieren om hiermee om te gaan. Mijn keuze is om uit te gaan van mijn persoonlijke identiteit.
Deze authentieke houding zorgt voor eenheid in mijn identiteit.
De prijsde ik hiervoor betaal, is dat ik me in sociale groepen vaak niet thuis voel, omdat mijn normen en realiteit regelmatig afwijken van die van de groep. Uiterlijk pas ik me aan, om conflicten te vermijden, maar innerlijk houd ik afstand.
Paar 4: Geloof en wetenschap
Dit geldt ook voor het thema geloof en wetenschap. Voor mij persoonlijk is dit geen conflict. Het gaat hier om twee sociale groepen: de wetenschap en de christelijke kerk. Elke groep heeft een eigen sociale identiteit en daarmee een eigen realiteit.
Die sociale realiteiten conflicteren. Daarom ervaar ik het conflict tussen geloof en wetenschap vooral als een sociaal conflict. In mijn persoonlijke identiteit daarentegen, conflicteren geloof en wetenschap helemaal niet. Dit heb ik zichtbaar gemaakt in het motto van mijn proefschrift (Daniël 2:28):
“Maar er is een God in den hemel, Die verborgenheden openbaart”
Hierin komen geloven en weten samen: de theorieën in mijn proefschrift heb ik verkregen door gebed. Het conflict merk ik pas wanneer normatieve uitspraken uit de ene groep botsen met die van een andere groep.
Het conflict waar ik echt mee zit is niet het conflict tussen geloof en wetenschap. De echte pijn en daarmee het spanningsveld zit voor mij in het conflict tussen mijn persoonlijke identiteit en het complex van sociale identiteiten.
שָׁלוֹם
Vrede,
Gert Jan
[1] Michael A Hogg, and Mark J Rinella, “Social identities and shared realities,” Current Opinion in Psychology 23 (2018): 6–10.
Titelfoto: Outsider, 2017, CC0.





