Hoe is Jezus present? Deze vraag kwam bij mij binnen toen ik aan het lezen was over de presentiebenadering [1].
Presentie 1: Mens in de goot
De presentiebenadering is een werkwijze die onder andere wordt gebruikt in de hulpverlening. Mijn belangstelling hiervoor komt voort uit mijn eigen vragen over mijn plaats in deze samenleving. Als ik naar mijn innerlijke pijn kijk, zie ik mezelf al in de goot onder een viaduct slapen, vol wrok, afgekeerd van de samenleving: zoek het maar uit zonder mij; ik doe niet meer mee.
Zo ver komt het niet, omdat ik van tevoren bedenk hoe dat zal aflopen. Door mijn diabetes zou ik na een paar maanden al dood zijn. Dan heeft de bureaucratie vast een procedure om mijn lichaam en al mijn sporen efficiënt op te ruimen, zodat de machine van de maatschappij gewoon kan doordraaien.
Wie is tussen het beton present? Ik in ieder geval niet, omdat ik niet het gevoel heb dat ik in deze technologische samenleving present kan zijn.
Presentie 2: Messias bij de goot
Dan gaat iemand bij de goot zitten: ik wil er zijn voor jou. En dat is niet iemand die mij opsluit in een of ander interventieprotocol, maar iemand die mij in mijn mens-zijn erkent. Die geraakt wordt door mijn pijn, wanhoop, afwijzing, frustratie, boosheid en verdriet. Die mij door presentie uitnodigt om ook present te zijn.
Kortom, iemand die ziet zoals de Messias kijkt en er voor mij wil zijn zoals Hij er voor mij wil zijn.
En de weg uit de goot is lang, want ik ben te vaak gekwetst om me nog veilig te kunnen voelen. Wie heeft er, zoals Jezus, echt het geduld om mee te lijden? Kan ik met vallen en opstaan de weg vinden om present te zijn in deze onveilige wereld? Ik heb niet de illusie dat ik dat alleen kan. Ik realiseer me nu dat die mensen die er willen zijn echt bestaan, omdat Jezus er werkelijk bij is.
Wie is er dan present? Jezus is present. Hij ziet mij en wil er voor mij zijn.
Presentie 3: Messias in de goot
Maar is het niet vernederend dat de autonome hulpverlener juist door presentie mij in de rol van afhankelijke zorgontvanger plaatst? Jezus zegt in Mattheüs 25:40 iets wat hier van belang is:
“Voor zover gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, hebt gij dat Mij gedaan.”
Als ik daar in de goot van het leven lig, heb ik iets te geven. Juist door mijn pijn present te stellen, nodig ik de ander uit om present te zijn en mijn pijn te erkennen. Dit is wat ik te geven heb, en daardoor wordt de relatie gelijkwaardig.
Daar, in mijn kartonnen doos, stel ik de Messias present en ligt Hij in de goot. Jezus is present en ziet uit naar wie present wil zijn door voor Hem te zorgen.
חֶסֶד
Goedertierenheid,
Gert Jan
[1] Stefan Gärtner, “Wie is er eigenlijk ‘present’? Bijbelse inspiratie voor het straatpastoraat,” Handelingen: Tijdschrift voor Praktische Theologie en Religiewetenschap 51, no. 2 (2024): 29–37.
Titelfoto: aangepast uit Lisa, Person, Die Trinkglas Hält, 2018, Pexels licentie.





