Titel:

Vreemd lid

Hoe ga ik ermee om dat ik in de kerk vreemd gevonden word? Dat is een vraag waar ik zelf steeds weer mee worstel.

 

Gek 1: Abnormaal

De eerste gedachte kan zijn dat het allemaal wel meevalt. De kerk is immers het lichaam van de Messias, met heel verschillende leden. Mijn ervaring is echter dat het in de praktijk niet meevalt.

Sommigen zijn zo eerlijk om me rechtstreeks te zeggen dat ze mij vreemd vinden. Ik weet dat anderen zich achter mijn rug afvragen of ik wel helemaal normaal ben. Daarnaast krijg ik juist in de kerk regelmatig die vragende blikken: Waar heb jij het nu weer over? Ook hoor ik vaak terug dat ik moeilijk te volgen ben. Zodra ik vanuit mijn hart spreek, merk ik dat de vervreemding bij mijn omgeving toeneemt.

Kortom, juist in de kerk word ik als vreemd ervaren. En eerlijk gezegd vind ik dat op mijn beurt weer vreemd.

 

Gek 2: Kerkverlater

Achteraf denk ik dat dit gevoel van vervreemding de reden was dat er opeens een diep verlangen in mij opkwam: daar moet ik zijn. Het ging om een bijeenkomst naar aanleiding van het programma Adieu God?’. Tijdens die bijeenkomst werden verschillende fragmenten getoond van kerkverlaters.

Tot mijn eigen verbazing herkende ik mij in allerlei elementen uit de verhalen van de geïnterviewden. Ben ik dan diep van binnen ook een kerkverlater?

De geïnterviewden voelden zich teleurgesteld in God en hadden Hem daarom achter zich gelaten. Die gevoelens herken ik. Toch geeft God mij in Zijn Woord juist de woorden om mijn pijn naar Hem toe uit te spreken en mij daardoor met Hem te verbinden. Ik vraag mij af of deze kerkverlaters, wanneer zij beter onderwijs hadden gekregen over de rauwe gedeelten van de Bijbel, hun ervaringen een plaats hadden kunnen geven binnen het geloof in God.

Daarnaast waren velen afgeknapt op de kerk door negatieve ervaringen met kerkmensen. Zouden zij zijn gebleven wanneer er binnen de kerk minder verschil was geweest tussen woorden en daden [1]?

Hun verhalen raken mij. Ik herken er veel van. Ik voel mij een randlid, met alle pijn die daarbij hoort. Is het niet vreemd dat ik mij als gelovige juist in de kerk een vreemdeling voel?

 

Gek 3: Kerk

Vanuit het geloof zou ik juist verbondenheid met de kerk moeten ervaren. Dan zou ik toch als een gewoon gemeentelid mijn plaats moeten kunnen innemen?

Ik heb eerder beschreven hoe ik in mijn puberteit tot geloofszekerheid kwam. Je zou verwachten dat juist een behoudende kerk daar blij mee zou zijn. Er is immers niet alleen veel ongeloof in de samenleving, maar ook binnen de kerk dringt het ongeloof steeds verder door.

Toch heb ik ervaren dat het in de praktijk anders werkt. Toen ik vertelde over deze geloofszekerheid, werd zij juist met wantrouwen ontvangen. Als jongvolwassene had dat een enorme impact op mij. Er ontstond een strijd tussen de zekerheid die ik innerlijk van God had ontvangen en de twijfel die vanuit de groep op mij afkwam. Ik kwam er zelf niet uit, maar God heeft mij door Zijn kracht van die twijfel bevrijd. Tegelijk heeft deze ervaring mijn vertrouwen in de kerk wel een behoorlijke knauw gegeven.

Nog steeds vind ik het vreemd dat juist de geloofszekerheid ertoe leidt dat ik mij in de kerk ontmoedigd voel om werkelijk present te zijn.

 

Gek 4: Opdracht

Ik moet iets met deze ervaring. Tegelijk besef ik dat ik dit niet op mijn eigen manier moet doen. Wanneer de kerk mij pijn doet, trek ik mij innerlijk terug en laat ik de gemeenschap los. Eerder heb ik geschreven over Gods kritiek op deze houding. Daar wil ik nu op terugkomen.

Jezus reageert namelijk niet zo wanneer de wereld of de kerk Hem gek vindt. Hij is gezonden naar een wereld die Hem verwerpt. Juist in die situatie maakt Hij de liefde van God zichtbaar. Daarom loopt Zijn weg dwars door de pijn heen. En dit is Hij tot heil voor deze verloren wereld.

Ook mijn bestaan is geen toeval. Ook ik ben in deze wereld gezonden. Ik ervaar de pijn die daarbij hoort. Het is heel menselijk om die pijn te willen vermijden. Ik zie nu dat ik daarvoor drie strategieën gebruik:

  1. Ik keer mij af van de gemeenschap, omdat ik mij anders voel.
  2. Ik pas mij uiterlijk aan, omdat ik niet voortdurend discussie of onbegrip wil.
  3. Ik probeer de wereld te veranderen, zodat de pijn verdwijnt.

De kritiek daarop is dat ik niet werkelijk leef, maar vooral probeer te overleven. In plaats van mijzelf in liefde te geven, probeer ik mijn leven veilig te stellen (Mattheüs 16:24).

Dat staat haaks op Wie de drie-enige God is en op Wie de Messias is. Hangend aan het kruis blijft Hij midden in de gemeenschap staan en draagt Hij de pijn.

En Hij zegt ook tegen mij (Johannes 21:19):

“Volg Mij.”

נֶחָמָה

Troost,

Gert Jan

 

[1] Liza Stilma, Weggaan zonde groeten: op zoek naar de oorzaken van kerkverlating (Baarn: Ten Have, 1988), 16–23.

Titelfoto: Jonathan Queutois, Message d’Adieu sur le Sable, 2017, CC0 1.0.

Foto van Gert Jan

Gert Jan

In deze blog worden verschillende snoeren van mijn leven samengevlochten tot een enkel snoer.

2 reacties

  1. Dag Gert Jan,
    Hoewel ik wat je hierboven schrijf herken uit eigen ervaring, heb ik wel vragen over hoe je het definieert. Wat bedoel je met ‘de kerk’? De plaatselijke gemeente waar je lid van bent? Het kerkverband? Nieuw-testamentisch bezien bestaat de kerk uit gelovigen. Jij bent ook de kerk. Zien alle gelovigen die je zondagochtend, op een Bijbelkring of door de week ontmoet, jou als raar? Dat kan ik me toch niet goed voorstellen.

  2. Hoi Pieter,
    Het woord “kerk” gebruik ik op niet strak gedefinieerde manier, omdat het niet beperkt is tot mijn eigen gemeente en mijn eigen kerkverband. Ik voorkom ook dat mensen me “raar” vinden door me op de vlakte te houden. Als ik me niet me niet op de vlakte kan of wil houden zie ik vervreemding wel regelmatig ontstaan in “kerkelijke” context. Ik probeer op dit moment dit vreemd-zijn een naam te geven. Als me dit lukt, kom ik daar in een latere post op terug.
    Gert Jan

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Bericht informatie

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in en ontvang een mailtje zodra er een nieuwe gedachte is gepubliceerd.